Maandelijks archief: december 2016

Fietstunnel Emmalaan -> Wél een tunnel, geen overleg?

Inleiding Het Edese college kwam voor de laatste raadsvergadering van 2016 met een voorstel voor het verstrekken van een krediet – € 4 mln – voor de realisatie van een fietstunnel onder de Emmalaan nabij de Reehorst. Bewoners zijn ontzet en diende een WOB verzoek in. Hopelijk reageert het college op hele korte termijn. Ter ondersteuning van de bewoners stelde ik raadsvragen.

Overval De reacties van een aantal inwoners op de reservering van € 4 mln voor de realisatie van de fietstunnel onder de Emmalaan zet de VVD Ede aan het denken. Mede omdat het niet de eerste keer is dat het college de inwoners ‘overvalt’ met ontwikkelingen die een grote impact hebben op de leefomgeving van de inwoners. De VVD Ede vindt het wezenlijk dat het college de inwoners al in een heel vroeg stadium van de gedachtevorming betrekt bij dergelijke ontwikkelingen.

Begrip Betrokken inwoners voelen zich met deze plannen door het college overvallen. Zeker wanneer wethouder Meijer tijdens de oordeelsvormende vergadering aangeeft dat de tunnel er hoe dan ook komt. De inwoners stellen zich vertwijfeld de vraag of zij deze ontwikkeling eerder hadden kunnen weten. Sterk speelt bij de inwoners dat het hier gaat om een krediet van € 4 mln voor de feitelijke realisatie van de fietstunnel. Meer begrip zou er zijn bij de inwoners wanneer een krediet van enkele tienduizenden euro’s was gevraagd voor het ontwikkelen van alternatieven voor de fietskruising met de Emmalaan.

Wantrouwen Met die niet mis te verstane uitspraak van wethouder Meijer voelen de inwoners zich voor het blok gezet. Het wantrouwen richting het college en in mindere mate richting de raad is groot. Iedere vorm van inwonerparticipatie lijkt op voorhand gedoemd te mislukken omdat het college het vertrouwen heeft verspeeld.

WOB verzoek De inwoners vertellen dat de gemeente alternatieven heeft ontwikkeld en dat daaruit reeds een keuze is gemaakt. De inwoners hopen dat het antwoord op het WOB verzoek ruim voor de besluitvormende vergadering van januari beschikbaar is. Het wantrouwen van de inwoners in het gemeentebestuur zal toenemen wanneer het college gebruik maakt van het recht om de beantwoording met 4 weken uit te stellen. In die situatie hebben de inwoners geen mogelijkheid om met de fracties inhoudelijk van gedachte te wisselen over de realisatie van de reeds door het college gekozen variant voor de fietstunnel, die voor deze inwoners zoveel impact heeft op hun leefomgeving.

Kip en ei Het college gaat pas in discussie met de inwoners wanneer een krediet voor een min of meer concreet plan door de raad is goedgekeurd. De inwoners willen met het college in discussie voordat de raad een krediet goedkeurt. De inwoners willen meedenken met het college en de ruimte krijgen om alternatieven aan te dragen. Kip en ei probleem?

Randvoorwaarden Eerst met de inwoners in discussie gaan over de randvoorwaarden waaraan de fietstunnel minimaal moet voldoen kost mogelijk aan de voorkant van het proces meer tijd. Echter verder op in het proces verdient dit zichzelf terug omdat de inwoners het gevoel hebben een bijdrage te leveren aan het oplossen van een mobiliteitsprobleem. De VVD Ede stelt voor dat er eerst overleg wordt gevoerd (burgerparticipatie?) met de inwoners bij een dergelijke grote ingreep in de leefomgeving. Met de input uit dit overleg kan dan een gedegen voorstel voor de raad worden gemaakt.

Vragen

  • Kan het college uitvoering geven aan het WOB verzoek ruim voordat het besluit van het krediet voor de fietstunnel definitief valt?
  • Waarom gaat het college niet eerst met de inwoners in overleg over dergelijke grote ingrepen in de leefomgeving en werkt pas daarna een (krediet) voorstel voor de raad uit?

 

 

Beantwoording door het college van burgemeester en wethouders d.d. 24 januari 2017

Ad 1      Ja.

Ad 2      Zoals gebruikelijk bij ruimtelijke projecten, worden eerst de fysieke inpasbaarheid en de technische mogelijkheden onderzocht. Bij het project voor een verkeersveilige fietsoversteek is er vanuit 7 vakdisciplines onderzoek gedaan. De resultaten van dit onderzoek worden vervolgens gedeeld en besproken met bewoners en andere belanghebbenden.

 

Zelfstandig thuiswonen en (brand)veiligheid

Het is goed dat de overheid ouderen stimuleert om langer zelfstandig thuis te wonen. Echter ….. de aandacht voor zelfstandig thuiswonenden senioren is versnipperd. Al meerdere malen stelde ik hierover aan het college vragen. Dit vanuit de gedachte: de aanhouder wint.                                                                                                                   

 

 De veranderingen in het zorgdomein betekenen dat meer ouderen langer thuis zullen blijven wonen. In het voorjaar van 2015 vroeg VVD Ede aandacht voor de veiligheidsaspecten bij ouderen thuis[1]. In Ede Stad[2] van 2 november stond een concreet voorbeeld.

 

In het artikel ‘Woningen Rietstraat Ederveen onveilig’ in Ede Stad van 2 november jl. staat de situatie van seniorenwoningen aan de Rietstraat van Ederveen beschreven. De bewoners zijn niet of verminderd zelfredzaam en daardoor niet in staat om snel en zelfstandig te vluchten als brand uitbreekt. In het artikel staat dat sprake is van een patstelling:

–        De ouderen die daar wonen hebben te kampen met ouderdomsklachten die ervoor zorgen dat zij minder mobiel zijn en mogelijk minder alert kunnen zijn, waardoor zij minder of niet zelfredzaam zijn. Soms kunnen de ouderen alleen uit bed met behulp van een tillift.

–        In het pand is geen permanente zorg aanwezig, er is sprake van zelfstandig wonen. De zorgorganisatie geeft ‘niet thuis’ bij het zoeken naar een oplossing van het probleem.

–        De verhuurder van het pand geeft ‘niet thuis’ bij het zoeken naar een oplossing van het probleem. De verhuurder geeft aan te voldoen aan de wet- en regelgeving.

–        De gemeente en de brandweer kwamen kijken en gaven aan dat er geen doorschakelijking van een alarm naar de meldkamer van de brandweer mogelijk is.

Alle partijen hebben gelijk als het gaat om een wettelijke uitleg. De grote vraag is nu of hiermee de kous af is. Dat kan wat de VVD Ede betreft niet het geval zijn. Nu de gemeente sinds 1 januari 2015 de verantwoordelijkheid heeft gekregen voor de zorg aan ouderen en langdurig zieken, vindt de VVD Ede dat de gemeente hier in ieder geval een regisseur moet zijn om te komen tot een oplossing van het probleem. Deze situatie speelt op veel meer plaatsen in de gemeente. De VVD vindt dat het college de regie moet pakken, deze situaties moet inventariseren en een concreet plan moet hebben voor alle relevante locaties om te werken aan oplossingen.

Overigens is het de vraag of een doormelding naar de alarmcentrale de oplossing is, want de brandweer is vaak te laat om nog reddend op te kunnen treden. Volgens de VVD moet de oplossing vooral gezocht worden in het voorkomen van brand.

 

Vragen van VVD Ede aan het college zijn:

1.     Heeft het college kennis genomen van het artikel in Ede Stad ‘Woningen Rietstraat Ederveen onveilig’?

2.     Welke concrete acties heeft het college gekoppeld aan deze situatie, zodat kan worden toegewerkt naar een oplossing van het probleem? Denk aan bijvoorbeeld gekoppelde rookmelders, voorlichting en gesprekken met bewoners en buren en het hierbij betrekken van mantelzorg, thuishulp en mogelijk thuisondersteuning.

3.     Waarom ziet het college het feit dat iemand een tillift heeft niet als een signaal om over te gaan tot actie op in gesprek met betrokken partijen aan oplossingen te werken?

4.     Het antwoord op de vraag die we eerder stelden, namelijk of het college zicht heeft op de situaties in Ede, was een opsomming van gebouwcategorieën waarvoor een brandmeldinstallatie met automatische doormelding verplicht is. Het college verwees hiervoor naar het Bouwbesluit. Maar waar het om gaat is: heeft het college zicht op de situaties in Ede waar deze problematiek speelt (niet alleen m.b.t. den brandmeldinstallatie, maar met betrekking tot de brandveiligheid van senioren in de breedte), ofwel: welke gebouwen/wooncomplexen betreft het dan in onze gemeente? De VVD neemt aan dat het college hier zicht op heeft? Kunnen we deze lijst verkrijgen?

5.     Op onze eerdere vraag of de bewoners waar de veranderingen zijn doorgevoerd z.s.m. kunnen worden voorgelicht, is het antwoord dat het aan de zorgondernemers c.q. verhuurders is. Het college geeft daarmee niet aan dat zij hier ook zelf mede-verantwoordelijkheid draagt of een belangrijke regierol in heeft. De VVD vindt dat de gemeente deze wel heeft. Het is helder dat brandveiligheid ieders individuele eigen verantwoordelijkheid is. Maar als iemand niet zelfredzaam is, heeft ook de gemeente, omdat zij sinds 1-1-2015 verantwoordelijk is voor de zorg aan ouderen en langdurig zieken, een taak. Eenvoudig verwijzen naar zorgondernemer en verhuurder is wat ons betreft te gemakkelijk. De praktijk leert dat zorgondernemers en verhuurders naar elkaar verwijzen, omdat zij menen wettelijk geen extra maatregelen te moeten treffen. De gemeente zou hier de regie moeten nemen. Als voorbeeld noemen wij de gemeenten Hilversum en Nijmegen. Na incidenten met slachtoffers hebben deze gemeenten de zeilen bijgezet en zijn zij hiermee actief aan de slag gegaan. De VVD neemt aan dat we in onze gemeente niet hoeven te wachten tot zich incidenten voordoen. Daarom de vraag: hoe neemt het college deze regie?

6.     Wil het college een concreet, gestructureerd plan maken om de relevante situaties in onze gemeente te inventariseren en de gesprekken gestructureerd in gang te zetten met verhuurder en zorgaanbieders, brandweer en overige betrokken partijen?

7.     Tot slot: op onze vraag of dit thema kan worden meegenomen in de maatwerkgesprekken, verwijst de gemeente naar de gesprekken waarvoor Malkander mensen van 75+ uitnodigt, naar woningaanpassingen en naar ouderen die zelf op zoek zijn. Niet iedere oudere is minder zelfredzaam en het maatwerkgesprek zou nu juist een manier zijn om achter eventuele noodzakelijke extra aandacht voor brandveiligheid te komen en oplossingen op maat te bieden bij de ouderen die dat nodig hebben. Zou het niet goed zijn als het thema (brand)veiligheid nadrukkelijk de aandacht krijgt vanuit de gemeente door het thema in het WMO-gesprek aandacht te geven? De burgemeester heeft eerder aangegeven dit een interessante gedachte te vinden. Hoe staat het hiermee?

 

Beantwoording door het college van burgemeester en wethouders d.d. 13 december 2016

Ad 1         Het college heeft kennis genomen van het artikel in Ede Stad “Woningen Rietstraat Ederveen onveilig”.

Ad 2         Er is sprake van verantwoordelijkheid van verhuurders, senioren Veiligheidspreventie bij senioren is een onderwerp dat Malkander, onze welzijnsorganisaties in Ede, altijd meeneemt in de gesprekken met senioren. Veiligheidspreventie bevat meer dan alleen brandveiligheid. Ook thema’s als valpreventie en veiligheid in en rond het huis worden meegenomen. Deze gesprekken vinden plaats met de senioren zelf.

Ten aanzien van de specifieke situatie aan de woningen aan de Rietstraat in Ederveen, wordt het volgende opgemerkt. De zorg die aan de bewoner(s) van betreffende woningen geleverd wordt, is aan te merken als thuiszorg. De regie hiervan ligt bij de bewoners en/of de familie in samenspraak met de zorgverlener. Het betreft dus mensen die hebben aangegeven dat ze zelfstandig zijn en geen uitgebreide zorg nodig hebben. Deze (thuis)zorg wordt geleverd vanuit het kantoor van Opella die aan deze woningen grenst, maar is niet te vergelijken met de zorg die wordt aangeboden in verzorgingstehuizen. De betreffende woningen aan de Rietstraat in Ederveen zijn aan te merken als reguliere (rijtjes)woningen. Op dergelijke woningen rust geen meldings- of vergunningsplicht in het kader van brandveilig gebruik. De eisen aan deze woningen zijn dus niet anders als de eisen die aan iedere andere reguliere woning worden gesteld. De brandweer voert geen brandveiligheidscontroles uit in reguliere woningen. Uiteraard is de brandweer altijd bereid mee te werken aan voorlichtingsactiviteiten op verzoek van bewoners, verhuurder of zorgaanbieder.

Ad 3         Tijdens maatwerkgesprekken wordt zeker aandacht geschonken aan brandveiligheid. Hiervoor is een pilot opgestart, waarbij de bouwkundige bij een aanvraag voor woningaanpassing, zoals een tillift, een lijst met extra vragen over veiligheid (waaronder brandveiligheid) meeneemt.

Ad 4         De brandweer heeft zicht op de volgende woonvormen van senioren:

–    Wooncomplexen met 24-uurszorg. Hiervoor is een gecertificeerde brandmeldinstallatie met doormelding naar de regionale alarmcentrale vereist.

–    Gezondheidszorggebouwen waarin nachtverblijf wordt verschaft voor minimaal 10 personen. Voor deze gebouwen geldt een vergunningplicht brandveilig gebruik en is een gecertificeerde brandmeldinstallatie met doormelding naar de regionale alarmcentrale vereist.

Een overzicht van deze objecten is als bijlage bijgesloten.

De overige woonvormen waar senioren verblijven, al dan niet met zorg, zijn geen onderdeel van het toezichtprogramma van de brandweer. Deze woonvormen zijn in de meeste gevallen aan te merken als reguliere woningen. Aan die woonvormen zijn geen specifieke eisen gesteld in het kader van brandveiligheid en deze zijn geen onderdeel van het controleplan.

Ad 5         Uiteraard heeft het college een verantwoordelijkheid ten aanzien van dit onderwerp. Wij willen echter wel opmerken, dat wij van mening zijn dat verhuurders, zorgaanbieders en de sociale omgeving zoals familie van ouderen en de ouderen zelf ook een verantwoordelijkheid hebben, zoals u reeds zelf ook hebt opgemerkt. De daadwerkelijke realisering van maatregelen blijft op zich een verantwoordelijkheid van de betrokkenen zelf. Wij wijzen hierbij op een passage uit de brief van Minister Blok van 16 augustus 2016 aan de Tweede Kamer over de brandveiligheid van zelfstandig wonende ouderen:

“Aangezien de bewoner zelf primair verantwoordelijk is voor de veiligheid van zijn persoonlijke leefomgeving zal hij zelf de afweging moeten maken welke veiligheidsmaatregelen hij accepteert en in hoeverre hij diezelfde maatregelen als een inbreuk op zijn zelfbeschikking ervaart. Naast het aspect dat het niet aan de overheid is om daarin te treden, kunnen mensen te maken hebben met een dusdanig grote variatie aan mentale en/of fysieke beperkingen dat het ondoenlijk is om met generieke regelgeving effectieve maatregelen voor te schrijven. Aanpassen van de landelijke bouwregelgeving ligt dan ook niet in de rede. (…….) Om dit te realiseren wordt sterk ingezet op bewustwording van de risicogroepen en hun sociale omgeving, en is het van belang dat de markt van veiligheidsproducten een op maat gesneden aanbod heeft. De gemeente kan de aanpak van het individuele brandveiligheidsrisico vooral vanuit het sociale domein benaderen door in de contacten die zij heeft met de minder zelfredzame bewoners, bijvoorbeeld in het keukentafelgesprek in het kader van de WMO, hier aandacht aan te besteden.”

                 Zoals u hebt kunnen lezen in de memo van 5 juli 2016 heeft de gemeente diverse acties ondernomen, waaronder een “Pilot WMO”. Op 22 april 2015 is de suggestie geopperd om in het kader van het sociaal domein in de maatwerkgesprekken aandacht te schenken aan brandveiligheid. Hiervoor is een pilot opgestart, waarbij de bouwkundige bij een aanvraag voor woningaanpassing een lijst met extra vragen over veiligheid meeneemt in de woonscan. Het doel van de pilot is mensen bewust te maken en hen zelf oplossingen te laten zien. Hierbij wordt tevens voorlichtingsmateriaal van de brandweer aangeboden, waaronder de mogelijkheid om een zelf aangeschafte rookmelder gratis op te laten hangen (Landelijk Rookmelderteam Vrijwilligers). Het gaat hier om 150 aanvragen voor een woonvoorziening per jaar.

Ad 6 en 7 De pilot WMO (woonscan in de maatwerkgesprekken) wordt door de gemeente gecoördineerd. Verantwoordelijke ambtenaren hebben in de tussenliggende periode periodiek met elkaar afgestemd. In de memo van 5 juli 2016 staat aangegeven dat de VGGM diverse acties onderneemt, waaronder het programma brandveilig leven, ontruimingsoefeningen, voorlichtingsbijeenkomsten over brandveiligheid met o.a. Woonstede, Opella en thuiszorgmedewerkers. De gemeente heeft de coördinatie van de aanpak brandveiligheid bij ouderen en de afstemming ervan belegd bij Malkander. De afspraken worden geëvalueerd door afdeling WMO. Aan dit onderwerp wordt aandacht besteed door meerdere instanties, met daarbij ook de aandacht voor de algemene veiligheid.

 

[1] http://ede.vvd.nl/uploaded/ede.vvd.nl/files/56ee6e6b74324/raadsvragen-160211-antwoord_vvd_vos-de-wael_zelfstandig-thuis-wonen-en-brandveiligheid_2016-10-2.pdf

[2] http://bit.ly/2filKDl